Terug naar overzicht
NZa gaat deze vier juridische constructies in de zorg aanpakken

De NZa gaat dit jaar vier juridische structuren in de zorg aanpakken: de structuur met de grootaandeelhouder op afstand, de aandeelhouderspoule, de stichting Administratiekantoor (STAK) en het franchisemodel. De zorgautoriteit wil het weglekken van zorggeld beperken, onder meer door het uitkeren van hoge winsten terug te dringen.

Dit staat in het ‘Fenomeenonderzoek complexe juridische structuren van zorgaanbieders’ van de NZa. De autoriteit wil de rol van zorgcowboys beperken. Daarom werkt ze op dit moment aan een ‘barrièremodel’. Dit model maakt inzichtelijk welke barrières opgeworpen kunnen worden weglekken van zorggelden door complexe juridische structuren te voorkomen, als dat het geval is.

Daarin hebben naast de NZa banken, notarissen en accountants, zorgverzekeraars/zorgkantoren en gemeenten een rol om “gezamenlijk een onwenselijke situatie aan te pakken”. Het fenomeenonderzoek zal samen met het barrièremodel medio juni 2021 door de NZa gepubliceerd worden.

Risico’s

De NZa ziet vaak dat zorggeld aan de sector wordt onttrokken met complexe juridische structuren. Die zijn niet illegaal, maar de zorgautoriteit ziet risico’s. Zorgcowboys gebruiken mazen in de wet om op legale maar ‘onwenselijke manier’ zorggelden weg te sluizen: ‘We zien dat zorgondernemers complexe juridische structuren optuigen waarmee financiële en niet-financiële transacties buiten het zicht en het bereik van toezichthouders vallen.’

Met die zorgstructuren bedoelt de NZa een ondernemingsstructuur die uit een (groot) aantal rechtspersonen bestaat ‘welke ogenschijnlijk niet aan elkaar zijn gelieerd, maar wel (in)direct met elkaar zijn verbonden’.

De vier blauwdrukken die de NZa heeft onderzocht:

1 Structuur met grootaandeelhouder op afstand

In een dergelijke structuur zitten twee holdings: een holding met alle aandelen van twee andere vennootschappen met activiteiten, gesplitst voor zorginhoudelijk en zorgvastgoed. De tweede holding bezit alle aandelen van een vennootschap waarin de service-activiteiten zijn ondergebracht, zoals personeel en ict. De structuur kent één eigenaar, de Ultimate Beneficial Owner (UBO), de aandeelhouder die (in)direct de zeggenschap heeft over alle vennootschappen.

Voor een buitenstaander is volgens de NZa moeilijk zichtbaar dat er maar één aandeelhouder is die zichzelf dividend kan uitkeren ‘waarmee zorggeld aan de zorg kan worden onttrokken. Immers: de winsten ontstaan buiten de zorgvennootschap, uit mogelijk niet-marktconforme kosten voor diensten die deze vennootschap afneemt en uit haar inkomsten moet dragen. Die inkomsten bestaan uit zorggelden.’

2 Aandeelhouderspoule

In de aandeelhouderspoule zitten zeven aandeelhouders. Die hebben allemaal aandelen in twee holdings. De ene holding is aandeelhoudster van drie vennootschappen (vastgoed, zorg en services), de andere holding is enig aandeelhoudster van de zorg-bv van deze holding. Samen met de zorg-bv uit de eerste holding zijn ze de twee bv’s de vennootschappen die de zorgaanbieder zijn volgens de Wet toelating zorginstellingen (Wtzi).

Bij een holding werken alleen medewerkers in vaste dienst, bij de tweede holding zijn dat zzp’ers. De holdings hebben dezelfde natuurlijke personen als bestuurders. Voor buitenstaanders worden ze dus bestuurd door andere personen dan de aandeelhouders. Door de verschillende samenstelling van de aandeelhouders lijkt er geen directe relatie tussen beide concerns.

Door deze constructie is het mogelijk met kapitaal tussen beide concerns te schuiven, zoals van de zorg-bv van de ene naar de zorg-bv van de andere holding. De NZa: ‘Voor externe toezichthouders is de besluitvorming en zijn de financiële stromen intransparant. Door het toekennen van de Wtzi-vergunning aan beide zorg-bv’s vallen uitsluitend die vennootschappen onder het wettelijk toezicht (IGJ, NZa). Dus niet bijvoorbeeld de Vastgoed-bv of Services-bv.’

3 Stichting Administratiekantoor (STAK)

In een STAK zijn het juridisch en economisch eigendom gesplitst: een scheiding tussen het bestuur van de onderneming en de winstgerechtigden. De bestuurder(s) is/zijn bevoegd om bestuurders en commissarissen van de holding en de werkmaatschappijen te benoemen of te ontslaan.

De STAK heeft het 100 procent juridisch eigendom van de aandelen van de tot de organisatie behorende vennootschap. Dat is vaak een holding die alle aandelen in juridische eigendom van de dochterondernemingen (de vennootschappen waarin de daadwerkelijke activiteiten plaatsvinden, zoals de zorg) heeft. De STAK verstrekt – in ruil voor de aandelen – certificaten die recht geven op winst van de holding. Omdat de STAK alle aandelen heeft van de holding, is deze uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel te achterhalen, inclusief de bestuurder(s) van de stichting. De certificaathouders zijn echter niet uit openbare bronnen te halen.

De dochtervennootschappen verrichten zorggerelateerde diensten, waarmee ze winst kunnen maken. Die kan worden uitgekeerd aan de holding. Omdat de STAK juridisch eigendom is van de holding, kan het bestuur daarover besluiten. ‘Het feit dat een stichtingsbestuur zichzelf benoemt en er geen leden of aandeelhouders zijn die invloed (laat staan een formele stem) hebben, creëert intransparantie en is een risico voor onwenselijk of illegaal gedrag’, aldus de NZa. Bovendien zijn de certificaathouders alleen bekend bij de stichting. Daardoor is niet duidelijk of ze betrokken zijn bij andere zorgorganisaties.

4 Franchisemodel

Binnen een franchisemodelkrijgt een ondernemer (franchisenemer) van de eigenaar van een handelsnaam of formule (franchisegever), tegen betaling het recht een formule te exploiteren. Die franchisegever levert geen zorg en valt dus niet onder de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz). Aangezien de definities van zorgaanbieders in de Wkkgz en de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) hetzelfde zijn (verleent zorg, brengt tarieven in rekening, verantwoordelijk voor kwaliteit), valt de franchisegever buiten het toezicht van NZa en IGJ.

Franchise wordt gezien als een commerciële samenwerkingsvorm, stelt de NZa, waarbij een zekere druk ligt om een goed rendement te behalen. Deze vorm wordt vaak toegepast in de retail, maar dat zijn ‘wezenlijk andere branches dan de zorg’.

Diverse verklaringen

De NZa wijst erop dat vanuit het perspectief van de zorgonderneming en/of zorgondernemer verklaringen zijn te geven voor een complexe juridische structuur. Er hoeft dus niet altijd sprake te zijn van motieven die schade toebrengen aan de betaalbaarheid en toegankelijkheid van de zorg.

Transparantie

Transparantie is daarom belangrijk volgens de NZa: ‘Een schimmig imago vormt niet alleen een risico voor zorgondernemers, maar ook voor de maatschappelijke beeldvorming van de hele sector. Het weglekken van zorggelden en het gebruik van complexe juridische zorgstructuren kan schadelijk zijn voor het vertrouwen in de zorg.’

bron: Zorgvisie

ipad

Wil jij meer kennis voor jouw zorgonderneming?

Download de KenniZ app en ontvang elke dag het nieuws van de kleinschalige zorg. Ontdek het voordeel en sluit aan als zorgpartner van KenniZ.

MEER INFORMATIE EN AANSLUITEN

De partners van KenniZ

Schermafbeelding 2020 04 23 om 16.46.54

Schermafbeelding 2020 04 23 om 15.50.56

 

 

LOGOSOVIB 1

Schermafbeelding 2020 04 23 om 15.55.22

Schermafbeelding 2020 04 23 om 16.16.51

 

Schermafbeelding 2020 04 23 om 16.49.20

Schermafbeelding 2020 04 23 om 15.59.33 copy

Schermafbeelding 2020 04 23 om 15.58.54

Logo hd architecten